Doodgewoon

Eén zekerheid hebben we in het leven, namelijk dat we allemaal een keer dood gaan. Het hoort bij het leven. Maar dat maakt het niet minder zwaar en zeker niet minder verdrietig. En wat doe je bij een sterfgeval met je kinderen? Betrek je ze erbij of juist niet? Geen idee! Ik heb ook de wijsheid niet in pacht en heb eerlijk gezegd maar gedaan wat ik dacht dat goed was en mijn hart gevolgd. Zo ook bij ome Ton.

Ome Ton , het jongste broertje van mijn moeder , was mijn lievelingsoom. Hij werd tot ieders grote verbazing totaal onverwacht na mijn tante geboren en was er dus eentje van een tweeling. Als ome Ton lachte, dan lachte hij met zijn hele gezicht. Het woordje ALS kan ik eigenlijk wel weg laten want hij lachte altijd. Ten minste wel heel vaak en heel hard. Ome Ton was 8 jaar ouder dan ik en het jongste broertje van mijn moeder. Je kon echt alles met hem bespreken en hij lachte heel hard om zijn eigen maar ook om mijn grappen. Helaas hebben we kort van hem mogen genieten want 2  jaar geleden werd hij getroffen door kanker. En zelfs toen bleef hij lachen en van het leven genieten. Inmiddels is mijn favoriete oom dood. Hij werd slechts 52 jaar. Een enorme klap voor zijn gezin, de familie en voor mij. Op de dag dat ik hoorde dat ome Ton de strijd had verloren , vertelde ik Yens tijdens een autorit dat mijn oom dood was. Dat was niet zo heel erg handig want op het moment dat hij dit hoorde , sloeg hij zijn armpjes om mijn nek (en ik kan je zeggen dan zie je vrij weinig met auto rijden) en riep ”oh mam, wat vind ik dit ontzettend naar voor je”. Erg lief van mijn kind , dat dan weer wel.

Ome Ton lag opgebaard in huis en Yens en ik besloten bij mijn tante en haar kinderen langs te gaan om een laatste groet aan mijn oom te brengen. Yens had ook al een keer zijn opa dood gezien en dus dacht ik dat het wel kon. Dat met die opa was nog wel even een dingetje. Hij was toen 4 jaar en wat doe je dan? Confronteer een kind dan al met de dood of laat je hem erbuiten? Een heel erg moeilijke beslissing. Zijn vader wilde er niets van weten dat hij zijn opa zou zien maar ik weet niet beter dan dat je gewoon kijkt en afscheid neemt. Dus dat verschil in opvoeding hielp ook niet echt bij deze beslissing. En er is geen goed of fout denk ik. Maar ik  heb hem toen toch meegenomen . Hij mocht ter plekke zelf beslissen wat hij wilde ook al was hij nog heel jong. Wijs was hij toen wel al op die leeftijd. Maar ik wilde gewoon niet dat hij de rest van zijn leven weerhouden werd door de angst van zijn vader en later ook bang zou zijn voor dode mensen. Want zo is het wel, even crue gezegd. Het leek het mij gewoon prettiger dat je al jong leert dat het erbij hoort. En zelf ga ik ook niet voor mijn lol kijken en ben ik altijd heel nerveus. Maar dat is niet erg, dat lijkt mij normaal ook. Maar nogmaals zo denk ik erover. En ik weet ook dat er mensen zijn die het beeld van een overleden dierbare nooit meer van hun netvlies af krijgen. En dat lijkt mij heel naar! Maar dat heb ik niet , ik herinner mij de persoon zoals hij of zij echt was en daarom nam ik deze beslissing. Ik was destijds dood nerveus hoe Yens zou reageren, dat wel , want zo zeker ben ik ook niet altijd van mijn eigen beslissingen. Maar het pakte goed uit en hij maakte er niets van . En toen vond zijn vader het ook goed.

Afijn, we waren nu bij ome Ton . Ik legde Yens uit dat je i.p.v. gefeliciteerd nu gecondoleerd moest zeggen. Oké dat kon hij wel uitspreken maar dat wilde hij niet.  Dan zeg je sterkte, dat is ook goed. Maar bij binnenkomst dacht Yens bekijk het maar , ik zeg gewoon hoi, wat ook goed was natuurlijk. Ik had bedacht eerst zelf even bij ome Ton te gaan kijken om te zien hoe hij erbij lag voordat ik Yens, toen zeven jaar, hiermee zou confronteren. Zeker omdat Ton heel ziek was geweest. Maar ik was druk met handen schudden en hoorde opeens Yens schreeuwen: “Mam, jij zei dat ome Ton in een kist lag, maar hij ligt gewoon in zijn bed!” Toen wist ik dus dat het te laat was. Maar Yens maakte er niets van en had meer oog voor de koelelementen.

Ondertussen was er een tante bij komen staan die aan het huilen was. Yens keek met grote ogen naar haar en fluisterde in mijn oor “Mam, het lijkt mij een goed idee als ik deze mevrouw een knuffel ga geven”. Vervolgens trippelde hij naar de andere kant van het bed waar ome Ton in lag en gaf de voor hem wildvreemde tante een dikke knuffel, wat groots was om daarna weer tot de orde van de dag over te gaan want alle linten op de bloemen moesten ook gelezen worden. Eerst dacht ik oei kan ik dit wel maken, is dit niet te privé want hij opende ook kaarten. Maar een fractie later dacht ik heel praktisch aan het feit dat hij een half jaar achter was met lezen en dus vond ik het geen slecht idee zo’n extra leesoefening. Hij vond het wel vreemd dat ome Ton constant bedankt werd voor van alles. Daar had ik nog nooit bij stil gestaan.

En zo zorgde een klein mannetje er die middag heel even voor dat het grote verdriet even te dragen was. Fijn dat je mee was kleine vriend, je was een grote steun!

 

?????????????????????
?????????????????????

2 reacties op Doodgewoon

  1. Kinderen zijn fantastisch, ook tijdens deze momenten. Zeker op deze leeftijd. Ze doen wat er in hen op komt.
    Uiteraard moet je altijd blijven kijken naar het karakter van je kind. Ook naderhand. Maar maak er geen halszaak van. Als zij dat ook niet doen, waarom zou jij dat wel?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *